Siebengewald als ontginningsdorp

Deel3, de Hei


Siebengewald is een ontginningsdorp, met lange, rechte straten en zonder een historische dorpskern. Zo begint elk deel in deze serie. Maar in elk deel is de ontwikkeling net even anders.
In Siebengewald zuid-west wijst de naamgeving al op twee verschillende aspecten. Op de kaart wordt de buurt aangeduid met de officiƫle naam Groote Horst, maar in de volksmond heet het daar de Hei.
De Groote Horst is de oudste naam, die gebruikt werd voor een eeuwen-oude pachtboerderij van het klooster de Gaesdonck, gelegen in de knik van de weg naar Afferden. Net als de Vrij en de Flieray was dit een oude ontginning, die op bijvoorbeeld de Tranchotkaart (1805-1820) duidelijk te herkennen is. Zie verder Gochsedijk 9.

De Groote Horst (en linksboven de Kleine Horst) op de Tranchotkaart. De onregelmatige vorm van de door bomen of struiken omzoomde akkers wijst op een oude ontginning, die iets hoger lag dan de omliggende natte heide. Verder zijn de Gochsedijk en Horsterbeekweg te herkennen, met de aftakking Baalsedijk.

Daaronder een recente luchtfoto van hetzelfde gebied. De perceelgrenzen uit 1805 van de Groote en Kleine Horst zijn nog goed te herkennen in het landschap.

Pas veel later, vanaf 1865, vestigden zich schuin tegenover deze boerderij Groesbeekse families, die niet zo zeer uit waren op ontginning voor landbouwdoeleinden, maar de hei nodig hadden om hun beroep als bezembinder uit te oefenen. Voor deze buurtschap lag de naam de Hei dus voor de hand.
De eerste Groesbekers vestigden zich langs wat later de Ericaweg en de Heidestraat zouden worden. Van straten was toen nog geen sprake, deze zijn geleidelijk ontstaan langs de perceelgrenzen.

Grootschalige ontginningen voor landbouwdoeleinden kwamen vanaf 1900 op gang. Door de inzet van stoommachines konden toen de moerassige gronden zuidelijk van de Horsterbeek geploegd en ontwaterd worden. Beide vormen van ontginnen worden hierna beschreven.